Antonia Le Roy

Elektronisch toezicht in kader van voorlopige hechtenis is afgelopen jaren verdriedubbeld

Antonia Le Roy staat aan het hoofd van het Vlaams Centrum Elektronisch Toezicht (VCET). Dat zag in 2019 het aantal complexe dossiers toenemen, maar probeerde door samen te werken op lokaal niveau problemen gerichter aan te pakken. De uitkeringen van leefvergoedingen, opvolging van het toezichtsmateriaal in het stockbeheer en de informatieverstrekking door de dossierbeheerders werden geoptimaliseerd om efficiënter te werken.

“De stijging in het aantal complexe dossiers is het meest voelbaar bij het elektronisch toezicht in kader van de voorlopige hechtenis”, steekt Antonia Le Roy van wal. “Dat zijn de zogenaamde ‘GPS-dossiers’ waarbij het VCET op elk moment kan zien waar de verdachte zich bevindt. Daarbij wordt gecontroleerd of de persoon onder elektronisch toezicht bijvoorbeeld niet van zijn route afwijkt als hij naar de raadkamer moet. Dat is de meest ingrijpende en arbeidsintensieve opvolging voor het centrum, inclusief voor de directie. Volgens de huidige werkprocessen geldt deze opdracht dag en nacht, elke dag van de week. Ook directieleden worden daarbij ’s nachts opgebeld om beslissingen te nemen en de nodige instructies te geven aan de medewerkers van de monitoring. Dit gaat over belangrijke beslissingen met een grote verantwoordelijkheid. Het aantal dossiers van deze categorie is sinds 2015 bijna verdriedubbeld, dus dat betekent voor ons heel wat extra werk.”

Samenwerking op lokaal niveau

De afdeling Justitiehuizen zette in 2019 ook een aantal stappen op het vlak van radicalisering. Ook dat heeft invloed op de manier van werken, samenwerken en organisatie van het VCET. De ondersteunende expert houdt een lijst bij van de radicaliseringsdossiers. “Sinds vorig jaar melden we dossiers in het kader van radicalisering aan de bevoegde politiedienst, met de nodige informatie. Het is daarbij heel belangrijk dat de information officer van de politie een melding doet aan de Lokale integrale Veiligheidscel (LIVC) van dossiers die enkel worden opgevolgd door het VCET. Die kunnen immers niet aangemeld worden via een directeur van een justitiehuis, omdat er geen tussenkomst van het justitiehuis is”, verklaart Antonia Le Roy.

Efficiënter werken

Het VCET levert ook actuele informatie voor de uitbetaling van een leefvergoeding voor justitiabelen onder elektronisch toezicht die geen andere inkomsten of uitkeringen hebben. “In 2019 hebben we de workflow voor vergoedingen aangepast om efficiënter te kunnen werken. Onze ICT-deskundige heeft de lijsten geautomatiseerd. De dienst die de leefvergoedingen uitbetaalt, krijgt nu elke zondagavond alle nodige Excel-tabellen aangeleverd. Zo worden de menselijke fouten quasi tot nul herleid. Bovendien moet de nachtdienst monitoring in het weekend niet meer elke keer de lijsten manueel controleren.”

Ook wanneer er schade is aan de enkelbanden, wordt deze efficiënter opgevolgd. “Onze stockbeheerder houdt nauwgezet bij waar en wanneer er materiaal beschadigd of verloren geraakt”, vertelt Antonia Le Roy. “Vroeger duurde het soms een tijd eer een enkelband en het bijhorende materiaal teruggegeven werd, maar nu nemen we sneller en vaker contact op met de justitiabele om het bewakingsmateriaal terug te geven. We proberen het materiaal zo snel mogelijk te recupereren in de hoop zo minder schadedossiers te hebben. Om deze processen goed op te volgen zijn ook de nodige IT-tools ontwikkeld.”

Stijging aantal dossiers korte straffen

“We kregen de laatste jaren heel wat nieuwe uitdagingen op ons bord, maar we doen er alles aan om deze zo goed mogelijk het hoofd te bieden en zo snel mogelijk in te spelen op de voortdurende veranderingen.”

Door een wijziging in de regelgeving voor straffen korter dan drie jaar (2017), veranderde het strafrestant – het deel van de straf dat de gedetineerde aan het einde van de detentie thuis onder elektronisch toezicht mag uitzitten – van twee maanden naar drie maanden, zonder tussenkomst van een justitieassistent. “Dat wil zeggen dat onze medewerkers de volledige opvolging daarvan voor hun rekening nemen”, legt Antonia Le Roy uit. “De grote stijging die we sindsdien zagen in het aantal dossiers voor deze korte straffen vraagt van onze dossierbeheerders heel wat extra inspanning om de nodige informatie te verstrekken aan de justitiabelen. Deze informatieverstrekking werd in 2019 onder de loep genomen en verbeterd. Dit vraagt ook voor de andere medewerkers een goede interne opleiding om klantgericht en cultuursensitief te leren communiceren over wat de persoon onder elektronisch toezicht allemaal moet en mag doen. We moeten zorgen dat de nieuwe mensen die we aanwerven over de juiste competenties beschikken om dit te doen én dat we voor die mensen een aantrekkelijke werkgever zijn. We kregen de laatste jaren heel wat nieuwe uitdagingen op ons bord, maar we doen er alles aan om deze zo goed mogelijk het hoofd te bieden en zo snel mogelijk in te spelen op de voortdurende veranderingen.”